Activiteit

Een suikerklontjeshuis bouwen

Vooraf

Koop voldoende (dozen) suikerklontjes.

Maak suikerlijm: klop de eiwitten stijf met een mixer. Voeg tijdens het mixen de gezeefde poedersuiker toe. Giet tot slot het citroensap erbij. De lijm is klaar! Je kunt hem in een slagroomspuit of spuitfles doen. Daarmee kan het kind steeds een klein beetje lijm tussen de suikerklontjes spuiten.

Wil je de suikerlijm bewaren? Zet dan de lijm in de koelkast. Zorg dat de suikerlijm op kamertemperatuur is als het kind een suikerhuis gaat bouwen.

Deze activiteit duurt ongeveer 30 tot 60 minuten.

Speluitleg

Leg de activiteit uit. Laat de suikerklontjes en de suikerlijm zien. Hier mag het kind een suikerhuis, een suikerflat of een suikeriglo van maken! Laat zien hoe het kind de lijm gebruikt. Plak als voorbeeld twee suikerklontjes op elkaar. Leg het stuk karton op tafel; hierop mag het kind zijn werkstuk bouwen.

Laat het kind bedenken wat hij wil maken (respect voor autonomie). Als hij wil, kan het kind eerst een bouwtekening maken.

Zorg ervoor dat het kind je uitleg goed kan verstaan. Begrijpt hij wat de bedoeling is (structureren en grenzen stellen)?

Spelbegeleiding

Laat het kind zelfstandig aan de slag gaan (respect voor autonomie). Kom af en toe even kijken of het goed gaat. Wordt het een mooi suikerhuis? Complimenteer het kind met zijn werk. ‘Dat wordt een mooie suikeriglo!’ (sensitieve responsiviteit).

Heeft het kind hulp nodig? Vraag of een ander kind wil helpen (begeleiden van interacties tussen kinderen) of help zelf een handje.

Afsluiting

Moet het kind ophouden met de activiteit? Geef dat op tijd aan, zodat het kind weet waar hij aan toe is. Sluit de activiteit daarna af (structureren en grenzen stellen). Spreek eventueel af wanneer het kind verder kan werken aan zijn werkstuk. Laat het kind de gebruikte spullen opruimen, en zet zijn werkstuk op een veilige plek neer. Bewaar eventueel de suikerlijm die over is in de koelkast.

Bespreek de activiteit nog even na met het kind. Vond het kind het leuk om een suikerhuis, suikerflat of suikeriglo te maken? Was het moeilijk, of juist gemakkelijk (sensitieve responsiviteit, respect voor autonomie, praten en uitleggen)? Houd de nabespreking kort (structureren en grenzen stellen), maar zorg wel dat het kind kwijt kan wat hij kwijt wil (sensitieve responsiviteit).

Aanwijzingen voor gebruik van de ruimte

Doe dit spel binnen aan een tafel.

Aanwijzingen voor materiaalgebruik

Benodigd materiaal:

  • Suikerklontjes.
  • Ingrediënten voor de suikerlijm: 2 eiwitten, twee eetlepels citroensap, 400 gram gezeefde poedersuiker.
  • Een stuk karton waarop het huis gebouwd kan worden.

Omgang met risico’s

De meeste kinderen vinden suiker lekker. Let erop dat de kinderen niet (te veel) suikerklontjes opsnoepen!

Ontwikkeling

Het kind bouwt van suikerklontjes een huis, flat of iglo. Hij moet daarvoor goed bedenken hoe hij de suikerklontjes opbouwt (cognitieve ontwikkeling). Daarnaast vraagt het een goede motoriek van het kind; het is een precisiewerkje om de suikerklontjes goed op elkaar te stapelen en vast te lijmen (motorische ontwikkeling). Als je de activiteit met meerdere kinderen doet, kan het kind samen met de andere kinderen een huis, flat of iglo maken (sociale ontwikkeling).

Een kind kan in de bouw van het suikerklontjeshuis zijn fantasie kwijt door het naar eigen idee vorm te geven (creatieve ontwikkeling).

Variatiemogelijkheden

Groepsgrootte: 

Je kunt deze activiteit ook in tweetallen of in een grote(re) groep doen. De kinderen kunnen dan samen werken aan een huis. Of ze kunnen samen een stad of dorp maken.

Materiaalgebruik: 

- Je kunt alleen witte suikerklontjes gebruiken, maar je kunt het kind ook rietsuikerklontjes en witte suikerklontjes geven. Het kind kan dan patronen maken met de verschillende kleuren suikerklontjes (wit en bruin).

- Als het huis klaar is, kan het kind ook een voortuin maken, of een straat. Hiervoor kan hij andere materialen gebruiken. Zoals gras, of gekleurd papier. Of speelgoedauto’s en/of spullen van Playmobile.

Spelvariatie: 

- Het kind kan ook poppetjes of dieren maken van suikerklontjes. Hiervoor kan hij bijvoorbeeld suikerklontjes breken.

- Je kunt het kind ook een plaatje geven van een huis of flat. Vraag het kind dit plaatje precies na te bouwen met de suikerklontjes.

- Er zijn nog veel meer bouwwerken te bedenken die een kind na kan bouwen. Bijvoorbeeld: een hunebed, een piramide of de Eiffeltoren. Geef het kind een plaatje van zo’n bouwwerk als voorbeeld. Dan kan hij aan de slag!

- Hebben meerdere kinderen een suikerklontjesbouwwerk gemaakt? Dan kun je een tentoonstelling inrichten. Bijvoorbeeld voor de ouders, of voor andere groepen.

Leeftijd: 

Je kunt deze activiteit ook met kinderen van 10-12 jaar doen. Deze kinderen kunnen op dezelfde manier te werk gaan, of ze kunnen nog moeilijkere bouwwerken nabouwen. Bekijk per kind wat zijn mogelijkheden zijn (ontwikkelingsstimulering).

Achtergrondinformatie

Deze activiteit is gebaseerd op de activiteit Suikerklontjeshuis op pagina 37 van het boek Het Groter Groeien Slecht Weer Boek door Olga Leever (Hoofddorp, Sanoma Uitgevers, 2002).

Reageer

Je moet ingelogd zijn om reacties te kunnen plaatsen.

Gebruikerswaardering:

Ontwikkelingsgebied: Cognitieve ontwikkeling

Spelgebied: Kunst en knutselen

Locatie: Binnen

Groepsgrootte: 1 - 1 kinderen

Leeftijd: 7 - 9 jaar

Door: SamenspelopdeBSO