Activiteit

Insecten bekijken en natekenen

Vooraf

De kinderen hebben bij de activiteit ‘Beestjes vangen en ordenen’ insecten gevangen.

Je kunt deze activiteit laten volgen op die activiteit; de kinderen kunnen nu (individueel of in een groep) de insecten die ze hebben gevangen natekenen.

Zorg ervoor dat het kind voor deze activiteit een insect in een potje heeft. Of: zet meerdere potjes met verschillende insecten erin klaar. Dan kan het kind zelf kiezen welk insect hij wil natekenen. Zet ook de tekenmaterialen klaar: (schets)papier, (kleur)potloden, gum, eventueel verf.

Je kunt deze activiteit in de lente, de zomer of de herfst doen.

Deze activiteit duurt 30 á 45 minuten, of zolang als de kinderen het leuk vinden.

Speluitleg

Leg de activiteit kort uit. Zorg ervoor dat het kind de uitleg goed kan verstaan. Het gaat een insect bekijken en natekenen. Vertel dat dat best moeilijk kan zijn. Niet alle insecten willen stil zitten. En een insect ‘natuurgetrouw’ natekenen valt ook niet mee!

Geef het kind een potje met een insect, of laat het kind een potje met insect uitkiezen (respect voor autonomie). Bekijk het insect samen met een vergrootglas of door het loeppotje. Laat het kind zelf vertellen hoe ‘zijn’ insect eruit ziet (respect voor autonomie). Hoeveel pootjes heeft het? Heeft het vleugels?

Vraag hoe het kind het insect na gaat tekenen. Welk materiaal gaat hij gebruiken? Maakt hij eerst een schets? Kleurt hij de tekening later in met potlood of met verf? Laat eventueel andere kinderen die ook een insect na gaan tekenen hierop reageren (begeleiden van interacties tussen kinderen). Complimenteer het kind met zijn keuzes (sensitieve responsiviteit). Bekijk eventueel samen een insectengids of een voorbeeld van het insect op internet; zo ziet het kind hoe een plaatje van een insect eruit kan zien.

Vertel tot slot dat het kind een liniaal kan gebruiken om te bepalen hoe groot de verschillende onderdelen van het insect zijn. Dit helpt het kind het insect op de goede schaal na te tekenen (praten en uitleggen).

Spelbegeleiding

Laat het kind zoveel mogelijk zelfstandig aan de slag gaan (respect voor autonomie). Kijk af en toe of het kind hulp nodig heeft, of laat andere kinderen helpen (begeleiden van interacties tussen kinderen). Stimuleer kinderen die een extra uitdaging nodig hebben om het insect op de juiste schaal te tekenen. Door op schaal te tekenen kan een kind het insect groter tekenen dan het in werkelijkheid is, maar wel in de juiste verhoudingen. Als het diertje in werkelijkheid 1 centimeter groot is, kan het kind op zijn tekening 10 centimeter laten zijn. Het insect is nu 10 x zo groot als in werkelijkheid. Maar dat betekent dat zijn kopje ook precies 10 x zo groot moet zijn als in werkelijkheid, evenals zijn lijfje en zijn pootjes. Vertel dit aan de kinderen en help hen met meten en rekenen (structureren en grenzen stellen, ontwikkelings-stimulering).

Het kind kan ook hulp nodig hebben om het insect even om te draaien, zodat het kind ook de onder- of achterkant van het insect kan tekenen.

Complimenteer tussentijds het kind met zijn tekening (sensitieve responsiviteit). Wat wordt de tekening mooi/levensecht/goed op schaal!

Afsluiting:

Kondig kort voor het eind aan dat de activiteit bijna afgelopen is (structureren en grenzen stellen). Bespreek wat de kinderen na deze activiteit gaan doen.

Zijn de insecten niet meer nodig na deze activiteit? Laat het kind het insect dan weer vrijlaten.

Bespreek de activiteit na met het kind: wat vond hij leuk en wat minder leuk? Wat ging er goed en wat minder goed? Bleven de insecten zitten, of bewogen ze steeds? Was het moeilijk om het insect na te tekenen? (sensitieve responsiviteit, respect voor autonomie, praten en uitleggen). Houd de nabespreking kort (structureren en grenzen stellen), maar zorg wel dat het kind kwijt kan wat hij kwijt wil (sensitieve responsiviteit).

Aanwijzingen voor gebruik van de ruimte

Doe deze activiteit aan een grote tafel. Gaan de kinderen met verf werken? Laat hen dan een schort aantrekken.

Aanwijzingen voor materiaalgebruik

Benodigd materiaal:

  • Een potje met een insect erin. Een loeppotje vergroot het insect een beetje; dan kunnen de kinderen goed zien hoe het insect eruit ziet.
  • Een vergrootglas om het insect beter te kunnen bekijken.
  • Tekenpapier.
  • Tekenspullen: (kleur)potloden, stiften, verf, gum, water.
  • Eventueel een insectengids of internet om te bekijken hoe plaatjes van insecten eruit zien.
  • Eventueel een schort.

Omgang met risico’s

Deze activiteit is niet gevaarlijk. Toch kunnen sommige kinderen bang zijn voor kleine beestjes (bijvoorbeeld voor spinnen of kevers). Benadruk dat de beestjes niet gevaarlijk zijn (praten en uitleggen); laat dit eventueel ook opzoeken in de insectengids of op internet.

Stimuleer het kind over zijn angst heen te komen, maar dwing het kind niet iets te doen wat hij niet durft (respect voor autonomie). Speel in op wat het kind wél durft (sensitieve responsiviteit).

Ontwikkeling

Kinderen vinden het heerlijk om te tekenen en zo de dingen die zij meemaken en in hun omgeving zien op papier vorm te geven (creatieve ontwikkeling).

Voor deze activiteit hebben de kinderen een goede fijne motoriek nodig. Niet elk kind kan even goed ‘natuurgetrouw’ natekenen. Je kunt hierop inspelen door een kind dat (nog) niet zo goed (na) kan tekenen een ‘makkelijker’ insect te geven. Geef het kind bijvoorbeeld een rups of een worm in plaats van een bij of een kever (motorische ontwikkeling).

Levert het natekenen toch frustraties op bij het kind? Benadruk dat dit een moeilijke activiteit is en dat iets natekenen een vak apart is! Stimuleer het kind het toch te proberen, ook als het niet meteen lukt. Oefening baart kunst! En complimenteer het kind vooral met wat hij juist goed doet. ‘Ik vind de vleugeltjes van de bij erg goed gelukt!’ (emotionele ontwikkeling).

Het tekenen op schaal is best moeilijk. Eerst moet een kind het insect in zijn geheel meten en vervolgens ook alle lichaamsdelen van het dier. Dan moet het die eenheden met hetzelde getal vermenigvuldigen en die maten aanhouden bij het tekenen (cognitieve ontwikkeling).

Variatiemogelijkheden

Spelvariatie:

  • Je kunt de kinderen het insect zo natuurgetrouw mogelijk na laten tekenen, maar je kunt hen ook hun fantasie laten gebruiken. Ze kunnen bijvoorbeeld andere kleuren gebruiken dan in het ‘echt’.
  • Je kunt de kinderen ook een fantasie-insect laten tekenen.
  • Hebben meerdere kinderen een insect nagetekend? Hang de tekeningen op, richt een tentoonstelling in of maak een boekje van de tekeningen! Je kunt hier eventueel ook foto’s van de verschillende insecten bijplaatsen.

Leeftijd:

Je kunt ook met jongere kinderen (7-9 jaar) insecten natekenen.  Besteed wat meer tijd aan de bespreking van het insect. Hoe ziet het eruit? Laat eventueel ook voorbeelden zien van tekeningen die anderen (of jijzelf) al gemaakt hebben van een insect. Zo weet het kind beter wat er van hem verwacht wordt. Laat kinderen van deze leeftijd het insect niet op schaal, maar vrij tekenen.

Achtergrondinformatie

Ook op internet kun je veel informatie vinden over beestjes. Kijk bijvoorbeeld op de site http://www.gardensafari.net/indexdutch.htm. Hier vind je foto’s en informatie over allerlei soorten kleine beestjes (kikkers, vlinders, insecten, etc.).

Reageer

Je moet ingelogd zijn om reacties te kunnen plaatsen.

Gebruikerswaardering:

Ontwikkelingsgebied: Creatieve ontwikkeling

Spelgebied: Natuur

Locatie: Binnen

Groepsgrootte: 1 - 2 kinderen

Leeftijd: 10 - 12 jaar

Door: SamenspelopdeBSO

Beestjes zoeken en bekijken

Beestjes zoeken en bekijken

van heel dichtbij bekijken!

van heel dichtbij bekijken!