Activiteit

Poppen in de kring

Vooraf

Leg de poppenkastpoppen klaar in de kring.

Deze activiteit duurt ongeveer 30 minuten.

Speluitleg

Vertel dat de kinderen samen met jou met de poppenkastpoppen gaan spelen (praten en uitleggen). Zorg ervoor dat de kinderen je uitleg goed kunnen verstaan (structureren en grenzen stellen).

Laat alle kinderen een poppenkastpop uitzoeken en aan hun hand doen. Daarna mogen ze in de kring gaan zitten. Pak zelf ook een poppenkastpop en doe hem aan je hand. Zitten alle kinderen? Stel je pop voor aan de andere poppen. Stel vanuit je rol als pop vragen aan de andere poppen. Wie zijn ze? Wat doen ze hier? Voer korte gesprekjes met de poppen. De kinderen mogen zelf bedenken wat ze terugzeggen, vanuit hun rol als pop (respect voor autonomie). Je kunt de poppen ook op elkaar laten reageren: ‘Ah, dus jij vindt dit een heel mooi liedje? Vindt de heks het ook een mooi lied?’ (begeleiden interacties tussen kinderen).

Zing samen met alle poppen een liedje (bijvoorbeeld ‘Ik stond laatst in een poppenkraam’) en laat de poppen meezingen, meedansen of meewiegen op de maat.

Spelbegeleiding

Complimenteer de kinderen tijdens hun spel met hun inbreng: ‘Wat kunnen jullie prachtig zingen!’ (sensitieve responsiviteit)

Help kinderen die het voeren van een gesprekje via de pop nog moeilijk of eng vinden een beetje op weg (sensitieve responsiviteit). Zie ook de papagraaf 'Omgang met risico's'.   

Afsluiting

Wil je het poppenspel afsluiten? Je kunt je pop moe laten worden. Stel voor dat alle poppen even een dutje gaan doen. Slapen alle poppen? Dan is het poppenspel afgelopen (structureren en grenzen stellen).

Bespreek de activiteit nog even na met de kinderen. Vonden de kinderen het leuk om met de poppenkastpoppen in de kring te spelen? (sensitieve responsiviteit, respect voor autonomie, praten en uitleggen)? Houd de nabespreking kort (structureren en grenzen stellen), maar zorg wel dat de kinderen kwijt kunnen wat ze kwijt willen (sensitieve responsiviteit).

Aanwijzingen voor gebruik van de ruimte

Je kunt dit spel zowel binnen als buiten doen.

Aanwijzingen voor materiaalgebruik

Benodigd materiaal:

  • Poppenkastpoppen, voor elk kind een pop.

Omgang met risico’s

Sommige kinderen zullen het een beetje eng vinden om te praten in de rol van een poppenkastpop of zelfs om een pop op hun hand te zetten. Laat eerst de kinderen aan bod komen die het niet eng vinden. Durft een kind het dan nog steeds niet? Dwing hem dan niet, het moet wel een leuk spel blijven (praten en uitleggen, respect voor autonomie, structureren en grenzen stellen). Sommige kinderen vinden (pratende) handpoppen in het algemeen, op de hand van anderen kinderen of de pedagogisch medewerker, erg eng. Houd hier rekening mee, dwing de kinderen niet om mee te doen of dichtbij te komen. Houd rekening met de gevoelens van het kind. Probeer die gevoelens ook te verwoorden en toon begrip hiervoor (sensitieve responsiviteit).

Ontwikkeling

De kinderen luisteren naar jouw pop en reageren op vragen die jouw pop stelt. Ze spelen samen met jou en eventueel met andere kinderen (taalontwikkeling, emotionele ontwikkeling, sociale ontwikkeling). De kinderen zingen een liedje met hun pop en bewegen de pop mee op de muziek (motorische ontwikkeling, taalontwikkeling, sociale ontwikkeling).

Variatiemogelijkheden

Groepsgrootte:

Je kunt deze activiteit ook in een grote(re) groep doen.

Materiaalgebruik:

- Je kunt in plaats van poppenkastpoppen ook knuffeldieren mee laten spelen in het spel.

- Je kunt ook de sokkenmonsters gebruiken uit de activiteit ‘Sokkenmonsters maken’.

Spelvariatie:

- Kunnen de kinderen goed antwoord geven op jouw vragen? Misschien kunnen de poppen van de kinderen zelf ook vragen stellen aan de andere poppen. Ze nemen dan jouw rol over.

- Je kunt ook met zijn allen een verhaal uit een boek naspelen. Verschillende kinderen kunnen met hun poppen een rol spelen in het verhaal. Je kunt natuurlijk ook een beetje variëren op het verhaal!

- Je kunt muziek opzetten als je een liedje zingt met de poppen.

- Je kunt de poppen ook om de beurt een kunstje laten doen, of een mopje of raadsel laten vertellen.

- Hebben jullie een mooi verhaal verzonnen? Misschien kunnen jullie een poppenuitvoering verzorgen!

- Je kunt met de poppen in de hand ook een gesprek voeren met de kinderen over een ‘probleem’ in de groep. Bijvoorbeeld over ruzie maken, over bepaalde regels, of over elkaar plagen. De kinderen vinden het vaak gemakkelijker om vanuit een pop over iets te praten dan vanuit zichzelf. Zo kun je bijvoorbeeld vragen wat een pop ervan vindt als hij weggeduwd wordt. En waarom doet die andere pop dat eigenlijk? Jouw pop kan het gesprek leiden. Maak het gesprek niet te zwaar en laat het niet te lang duren. Zorg ervoor dat het ondanks het onderwerp dat misschien een beetje moeilijk is, toch een leuk spel blijft!

Leeftijd:

Kinderen van 7-9 jaar vinden dit vaak ook nog een leuk spel. Je kunt wat moeilijkere vragen stellen, of de kinderen een grotere rol laten spelen in het verhaal (respect voor autonomie). Je kunt het poppenspel eventueel aan laten sluiten op een thema waar jullie al mee bezig zijn.

Achtergrondinformatie

Gebaseerd op de activiteit 14 ‘Poppen in een kring’ op pagina 63 uit het boek Activiteiten voor basisschoolkinderen door Tini Bouwman, W. M. F. M. Oehlen en Thérèse van Tiel (Utrecht: Thieme Meulenhoff, 2003).

Reageer

Je moet ingelogd zijn om reacties te kunnen plaatsen.

Gebruikerswaardering:

Ontwikkelingsgebied: Emotionele ontwikkeling

Spelgebied: Expressie

Locatie: Binnen

Groepsgrootte: 2 - 10 kinderen

Leeftijd: 4 - 6 jaar

Door: SamenspelopdeBSO