Activiteit

Een goed doel

Vooraf

Verzamel (op internet) gegevens over goede doelen. Bijvoorbeeld Amnesty International, Greenpeace, Unicef of War Child. Bedenk een goede gelegenheid wanneer jullie iets kunnen doen voor een goed doel. Bijvoorbeeld tijdens een kerstmarkt, een fancy fair of een feest voor ouders op de BSO. Deze activiteit duurt ongeveer 2 à 3 keer 30 tot 60 minuten. Afhankelijk van de keuzes die gemaakt worden voor de uitvoering, kan deze tijd variëren.

Speluitleg

Vraag of de kinderen weten wat een goed doel is. Laat het materiaal zien dat je hebt verzameld over goede doelen, en bespreek waar deze verschillende goede doelen geld voor in zamelen. Waar gebruikt het goede doel dat geld voor, denken de kinderen? (praten en uitleggen). Waarom hebben de goede doelen dat geld nodig? Vergelijk de situatie van de goede doelen met de eigen situatie van de kinderen.Vertel dat de kinderen tijdens een bepaalde gelegenheid (kerstmarkt, een fancy fair, een feest voor ouders op de BSO) een kraampje in gaan richten voor een goed doel. In dat kraampje mogen de kinderen knutselwerkjes of andere spullen (zelfgebakken koekjes, erwtensoep, bloemen) verkopen voor het goede doel. De kinderen mogen zelf bedenken op welke manier ze geld willen verdienen voor dat goede doel (respect voor autonomie). Leg uit dat de activiteit dus uit een aantal delen bestaat: vandaag bedenken de kinderen wat ze willen gaan doen, voor welk doel. Daarna (vandaag of een andere keer) gaan ze de activiteit voorbereiden: ze maken een aankondiging, een brief voor de ouders en ze maken de knutselwerkjes die ze willen verkopen. De derde keer voeren ze de activiteit uit: ze richten het kraampje in en verkopen de knutselspullen (structureren en grenzen stellen). Zorg ervoor dat de kinderen je uitleg goed kunnen verstaan. Begrijpen ze wat de bedoeling is? (structureren en grenzen stellen).

Spelbegeleiding

Laat de kinderen zelf bedenken voor welk goed doel ze geld willen inzamelen. Komen de kinderen er niet uit? Dan mogen ze stemmen. De meeste stemmen gelden (structureren en grenzen stellen).Daarna mogen ze bedenken hoe ze geld gaan inzamelen voor dit goede doel. Wat gaan ze verkopen? Kom gezamenlijk tot een conclusie. Stimuleer de kinderen een plan te maken: wie gaat wat doen, en wanneer? Na dit denkwerk staat de voorbereiding op het programma. Laat de kinderen zoveel mogelijk zelfstandig hun taken uitvoeren. De kinderen maken een aankondiging van de activiteit, bijvoorbeeld in de vorm van een poster en/of een brief aan de ouders (structureren en grenzen stellen). Ze kunnen dat bijvoorbeeld in tweetallen doen (respect voor autonomie). Stimuleer de kinderen elkaar daarbij te helpen (begeleiden van interacties tussen kinderen). Zorg dat elk kind over het materiaal kan beschikken dat hij nodig heeft. Knutselspullen voor de knutselwerkjes, kookspullen waarmee ze etenswaren kunnen maken, et cetera. Bewaak de tijd: zorg dat de kinderen op tijd hun aankondiging en brief voor de ouders maken, de knutselwerkjes maken of een kraampje inrichten. Tijdens de uitvoering van de activiteit mogen de kinderen zelf hun spulletjes verkopen. Ze kunnen de mensen die iets komen kopen, ook materiaal meegeven over het goede doel.Complimenteer de kinderen tijdens de verschillende fasen van de activiteit: ‘Dat is een mooie uitnodiging!’ en ‘Ik zie dat jullie de taken goed verdeeld hebben!’ (sensitieve responsiviteit).

Afsluiting

Zijn de kinderen klaar met de activiteit? Ruim samen met de kinderen de gebruikte spullen op (structureren en grenzen stellen). Bespreek de activiteit na met de kinderen. Vonden ze het leuk om geld in te zamelen voor een goed doel? Vonden de kinderen dat ze goed samengewerkt hebben? Wat is er erg goed gegaan tijdens de activiteit, en wat kan er eventueel nog wat beter? (sensitieve responsiviteit, respect voor autonomie, praten en uitleggen)? Houd de nabespreking kort (structureren en grenzen stellen), maar zorg wel dat de kinderen kwijt kunnen wat ze kwijt willen (sensitieve responsiviteit).

Aanwijzingen voor het gebruik van de ruimte

Deze activiteit kan binnen of buiten gedaan worden, afhankelijk van het seizoen en de activiteit die de kinderen kiezen.

Aanwijzingen voor materiaalgebruik

Benodigd materiaal:

  • Materiaal over goede doelen
  • Materiaal om uit te delen over het goede doel waar de kinderen voor kiezen
  • Papier en teken-/schrijfspullen voor de aankondiging
  • Computer voor de brief aan de ouders
  • Materialen voor de knutselwerkjes die de kinderen uitkiezen

Omgang met risico’s

De risico’s hangen af van de knutselwerkjes die de kinderen gaan maken. Bespreek kort met de kinderen hoe ze te werk (kunnen) gaan en hoe ze ongelukken kunnen voorkomen.

Ontwikkeling

De kinderen gaan geld inzamelen voor een goed doel met een zelfgekozen activiteit. Ze bedenken daarvoor welk goed doel ze willen steunen. Tijdens het keuzeproces denken ze na over de situatie van het goede doel, in vergelijking met hun eigen situatie (sociale ontwikkeling, emotionele ontwikkeling, cognitieve ontwikkeling). De activiteit bestaat uit verschillende fasen. Eerst bedenken de kinderen wat ze willen doen, voor welk doel. En daarna verdelen ze de taken die bij de betreffende activiteit horen. Hiervoor moeten de kinderen goed afbakenen wie wat gaat doen, én ze moeten goed samenwerken (sociale ontwikkeling). Tot slot voeren de kinderen de activiteit uit (creatieve ontwikkeling, taalontwikkeling, motorische ontwikkeling).

Variatiemogelijkheden

Groepsgrootte:

Deze activiteit kun je ook met een grote groep doen. Met een grote groep kinderen kun je verschillende dingen maken en deze verkopen in meerdere kraampjes.

Materiaal:

  • Je kunt foto’s maken van de activiteit en die op de website van de BSO plaatsen.
  • Je kunt ook een (of meer) kind(eren) laten zorgen voor de verslaglegging van de activiteit. Het kind kan bijvoorbeeld de voorbereidingen en de uitvoering filmen. Het filmpje kan hij op de website van de BSO zetten.

Spel:

  • De kinderen kunnen ook activiteiten uitvoeren voor het goede doel: ze kunnen een sponsorloop houden of een middag lang heitje-voor-een-karweitje doen.
  • Naderhand kun je bekendmaken (bijvoorbeeld in een nieuwsbrief, of op de website) hoeveel geld de kinderen ingezameld hebben voor het goede doel.

Leeftijd:

Deze activiteit kun je ook met jongere kinderen doen:

  • 4-6 jaar: Laat de kinderen van deze leeftijd knutselwerkjes maken. Deze werkjes kunnen de kinderen verkopen.
  • 7-9 jaar: Ook kinderen van 7-9 jaar kunnen knutselwerkjes maken. Daarnaast kunnen kinderen van deze leeftijd (een gedeelte van) de organisatie van de activiteit op zich nemen. Begeleid de kinderen hierbij en/of stimuleer de kinderen elkaar te helpen (ontwikkelingsstimulering, begeleiden interactie tussen kinderen).

Achtergrondinformatie

De activiteit is gebaseerd op een idee van http://educatie-en-school.infonu.nl.

Reageer

Je moet ingelogd zijn om reacties te kunnen plaatsen.

Gebruikerswaardering:

Ontwikkelingsgebied: Emotionele ontwikkeling

Spelgebied: Cultuur en maatschappij

Locatie: Binnen

Groepsgrootte: 2 - 10 kinderen

Leeftijd: 10 - 12 jaar

Door: SamenspelopdeBSO